Camping Broekerhaven.

Het is ook de PvdA/GroenLinks-fractie niet ontgaan, dat er over de privatisering van de camping Broekerhaven flink wat beroering is ontstaan. Enerzijds betreuren we dat, maar anderzijds begrijpen we die ophef ook wel.

Op 31 maart 2016 besloot de gemeenteraad de gemeentelijke camping af te stoten. Om 4 redenen waren we daar vóór:

1.                Wij stonden en staan op het standpunt dat het geen kerntaak van een gemeente is om een camping te exploiteren.

2.                Volgens informatie van de wethouder was de camping in de afgelopen jaren lang niet kostendekkend. De gemeente legde er jaarlijks ongeveer € 50.000,- op toe. Van deze jaarlijks terugkerende kostenpost wilden we af. (suggesties dat de gemeente verdiende aan de camping zijn dus gewoon onzin)

3.                In de afgelopen jaren is er behoorlijk wat achterstallig onderhoud ontstaan. Ook in de jaren dat de huidige oppositiepartijen directe verantwoordelijkheid droegen (onder aanvoering van toenmalig wethouder Zwaan).

4.                Om de camping weer op orde te brengen zou de gemeente enkele tonnen hebben moeten investeren. Groot onderhoud gebouw, drainage, riolering, elektrische voorzieningen en op termijn maatregelen betreffende de brandveiligheid.

 Als de camping niet was geprivatiseerd. Als er door de gemeente tonnen waren geïnvesteerd. Als de camping dan ook nog kostendekkend zou zijn gemaakt, dan zouden de stagelden ook buitengewoon zijn gestegen.

Daar komt nog bij, dat de uitgaven van gemeenten volgens ons een directe relatie met de eigen inwoners moeten hebben. Waarom zou de gemeente aan een groot aantal standplaatshouders van buiten onze gemeente een soort sta-subsidie moeten verlenen?

Door privatisering van de camping komen er gelden vrij, die besteed kunnen worden aan voorzieningen voor onze inwoners.

De PvdA/GroenLinks-fractie was en is dus voorstander van de privatisering.

De aanbesteding. Ondanks de ophef hierover oordeelde uiteindelijk de rechter dat de aanbesteding correct was verlopen. Dus hierover hoeven we het wat ons betreft niet meer te hebben.

De gemeenteraad nam een motie van onze fractie aan, waarin het college verzocht werd de raad maandelijks mondeling te informeren over de voortgang van de privatisering. Deze motie is niet uitgevoerd. Wij hebben er enerzijds begrip voor, dat tijdens de aanbestedingsprocedure en de daaropvolgende rechtszaak en het late tijdstip van ondertekening van de uiteindelijke overeenkomst, het college moeilijk openheid van zaken kon geven. Anderzijds had het college de raad natuurlijk bv. in een besloten vergadering wel beter kunnen informeren.

Wat ons betreft vinden we het erg jammer, dat de informatievoorziening onvoldoende gestalte heeft gekregen of heeft kunnen krijgen. Wat betreft de betrokken standplaatshouders en de omwonenden had de informatievoorziening vanuit het college ons inziens ook beter gekund en beter gemoeten. Dat neemt niet weg, dat het college de opdracht van de raad (het afstoten van de camping) heeft uitgevoerd; zelfs binnen de gestelde termijn. Ook zijn wij van mening (voor zover we dat kunnen vaststellen), dat het college gehandeld heeft binnen de door de gemeenteraad gestelde kaders.

 Hoe nu verder?

 De gemeente dient wat ons betreft buitengewoon alert te reageren op zaken die op en rondom de camping gaande zijn of zullen zijn.

Uiteraard moet de nieuwe eigenaar aan alle geldende wet en regelgeving voldoen. De ervaringen van standplaatshouders met de nieuwe eigenaar zijn niet bepaald hoopgevend. Reden te meer om als gemeente niet langs de zijlijn te blijven staan. Waar mogelijk dient de gemeente open te staan voor de belangen van standplaatshouders en andere betrokkenen zoals de direct omwonenden. In elk geval dient de gemeente te investeren in een veel betere communicatie.

Tot slot: wat ons betreft blijven de jachthaven, het strandje en het pierenbadje buiten schot bij de verdere ontwikkeling van de camping.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*